Nauwelijks had ik drie stappen buiten het landgoed van Zin gezet of daar ging ik! Ik zwikte door mijn rechter enkel en voordat ik er erg in had lag ik op de grond, maar stond ik ook weer op mijn benen een beetje beteuterd om me heen te kijken. Het rare is dat je je altijd schaamt als je valt. Alsof je iets heel doms doet. Ja, en het ziet er waarschijnlijk ook wel dom uit! Er kwam een vrouw voorbij fietsen die het misschien heeft gezien, maar verder gewoon doorfietste. Ondertussen probeerde ik mijn wandeling voort te zetten en toen merkte ik dat ik hier daar toch wel pijn had, mijn enkel, mijn knie, mijn hand, waarmee ik mezelf blijkbaar had opgevangen. Toch maar lopen, dat is toch het beste voor een gezwikte enkel en een beurs lichaam. Gelukkig lukte dat en was er dus verder niets ernstigs aan de hand. Ik was met mijn rechtervoet van het wegdek het gras in gegleden omdat ik niet goed keek waar ik liep. Dat heb je er van als je met je neus in de hoogte loopt! What goes up, must come down! En zo was ik weer geland. Al wandelend kwam ik Willem tegen van Zentrum en vriendelijk groetend passeerden we elkaar. Naderhand vertelde ik hem het voorval en hij vertelde dat hij me uit de verte eerst niet herkende en dacht dat ik Nico was. Waartoe vallen al niet kan leiden! Zo lig je en zo wordt je aangezien voor je zenmeester! Zen blijft toch een sprong in het duister! Of liever nog dansen in het duister, zoals Nico altijd zegt.
zondag 18 november 2012