‘Leven, zonder het leven te waarderen, is op zijn minst spijtig’*
Mijn leven waarderen, ik heb er lang over gedaan. Tenminste vanaf het moment dat ik me bewust was van mijn leven. De eerste acht jaar vond ik alles best. “A’k wil kan’k alles”, schijn ik wel eens tegen mijn moeder te hebben gezegd. Dat onbevangen vertrouwen in eigen kunnen! Kom daar nog eens om. Mijn moeder vertelde er bij dat ze me antwoordde: “Dat is mooi, maar je wil niet altijd, hè”
Later kreeg ik allerlei bezwaren tegen mijn leven, vooral het gegeven dat ik vaak lang ziek thuis zat, brak me op. Het gevoel van slachtofferschap drong zich op. Eerst leverde ziek zijn nog wel wat op: aandacht en verzorging, maar later begon de balans steeds meer door te slaan richting de nadelen: buiten de groep staan, niet op straat spelen en vooral te veel aandacht van mijn moeder. Hoe is dit verandert?
Dat ging niet zo maar van de één op de andere dag. Het was een proces, een weg naar zelfstandigheid en vrijheid. Mij ontworstelen aan thuis was daarbij een belangrijke opdracht aan mijzelf. Ik ging op kamers wonen om afstand te nemen en om dit te kunnen doen ging ik parttime werken naast mijn studie. Een tweede belangrijk besluit was om een fietstocht over de Alpen naar Italië te gaan maken. Zo kon ik mijzelf bewijzen dat ik daar genoeg adem voor had. In mijn ziekteperiode had ik vaak bronchitis en enkele keren longontsteking. Ik wilde ‘ziekelijk zijn’ achter mij laten. Een derde besluit was om, hoewel ik was opgeleid als leraar, niet voor de klas te gaan staan. Ik voelde me totaal niet op mijn gemak als leraar in de schoolse setting. En zo begon mijn eigen weg gaan langzaam vorm te krijgen.
Ik ontdekte koans voor het leven of eigenlijk andersom, dat mijn leven een koan is: worden wie je bent, aanwezig zijn in het moment, ook als hier niet wil zijn en tenslotte waarderen dat ik dit leven mag leven, met alles er op en er aan.
Op deze ontdekkingstocht speelde Nietzsches Ecce Homo – Hoe iemand wordt wie hij is, een rol. Zie de mens! En hoe hij wordt wat hij is en andersom, misschien ben je ook wel wat je wordt. Hoe dan ook, ik vond ‘worden wie je bent’ een mooie gedachte om met me mee te dragen. Een tweede levenskoan kwam van de schrijfster Erica Jong. Zij schreef ‘Hoe red ik mijn eigen leven?’ Ik las het boek, wat totaal niet over mijn leven ging, maar toch bleef die vraag hangen. En toen moest ik nog met zen beginnen. Toen ik dat ging doen in de jaren negentig riep ik uit, toen mijn leraar over koans begon, “mijn hele leven is een koan!” En ik had maar half in de gaten hoe waar dat is. De zenbeoefening heeft mij daar echt bij geholpen. Het was als een soort thuiskomen, vooral de eerste tien jaar. Hier zijn levensidealen doorgeprikt, hier heb ik het leven leren waarderen en beoefenen. Een leven zoals alleen ik dat kan leven, wat wie anders zou mijn leven kunnen leven? En hier kan ik alleen maar met grote waardering op terugkijken.
*Citaat Joko Beck – Alle dagen zen, blz. 79
donderdag 26 februari 2026